
Over VVL
Waarom de Stichting Veteranen voor Libanon is opgericht...
Achtergrond
De Libanese burgeroorlog begon op 13 april 1975 en eindigde op 13 oktober 1990 (het vredesakkoord van Taif)
Er waren vanaf het begin van de oorlog aanhoudende terroristische aanslagen vanuit zuid-Libanon door Palestijnse strijders (PLO) op Israël.
De aanslag, waarbij 38 burgers omkwamen door toedoen van Palestijnse strijders, vond plaats op 11 maart 1978 bij Tel Aviv (de Kustwegaanslag) en was de directe aanleiding tot de Israëlische invasie.
Van 14 tot 21 maart 1978 vond de Israëlische invasie plaats (Operatie Litani) van zuid-Libanon en bezette Israëlische troepen (IDF) het gebied tot aan de rivier de Litani met als doel de infrastructuur te vernietigen van de Palestine Liberation Organization (PLO).
De Libanese regering tekende protest aan bij de VN-veiligheidsraad.
De VN-veiligheidsraad nam op 19 maart 1978 resolutie 425 en 426 aan wat de oprichting van de VN-vredesmacht UNIFIL in Zuid-Libanon inluidde.
- Resolutie 425 (1978): Deze resolutie eiste dat Israël onmiddellijk zijn militaire acties in Libanon staakt en zijn troepen terugtrekt uit alle Libanese grondgebied. Het riep tevens op tot strikte eerbiediging van de soevereiniteit en territoriale integriteit van Libanon.
- Resolutie 426 (1978): Deze resolutie bekrachtigde het rapport van de secretaris-generaal over de uitvoering van resolutie 425 en stelde de UNIFIL-vredesmacht formeel in voor een eerste periode van zes maanden.
- De oorspronkelijke missie van UNIFIL was om de aftocht van de Israëlische troepen te controleren, de vrede en veiligheid in het gebied te herstellen en de Libanese regering te helpen bij het herwinnen van haar gezag.
Na de oprichting van de nieuw opgerichte VN-vredesmacht UNIFIL trok Israël zich gedeeltelijk terug.
Israël droeg de controle over de grensregio echter niet over aan de Libanese regering, maar aan de christelijke militie van majoor Saad Haddad.
Dit gebied fungeerde als een bufferzone die later, na 1984, verder werd geformaliseerd als de 'Zuid-Libanon Veiligheidszone'. Waardoor de beoogde stabilisatie door de VN grotendeels mislukte.

Het Israëlische hoofddoel – het definitief uitschakelen van de PLO-dreiging – werd niet behaald.
De situatie bleef instabiel, wat uiteindelijk bijdroeg aan de grootschaligere invasie in 1982.
Van 1979 tot 1985 hebben ruim 9000 Nederlanders, veelal dienstplichtigen, in zuid Libanon een bijdrage geleverd aan de United Nations Interim Forces in Lebanon (UNIFIL).
Daarbij sneuvelden 9 militairen.
De missie was complex, frustrerend en heeft bij veel veteranen diepe sporen nagelaten.
Op 25 februari 1979 vertrokken 74 kwartiermakers naar Libanon, de hoofdmacht een kleine 800 militairen vertrok op 10 maart 1979.
De militairen werden ingezet in Zuid-Libanon onder de naam Dutchbatt (Dutch Infantry Battalion).
Op 30 september 1983 werd de Nederlandse bijdrage gereduceerd tot de grootte van een company (ongeveer 150 militairen) genaamd Dutchcoy (Dutch Infantry Company).
Op 23 oktober 1985 vertrokken de laatste Nederlandse UNIFIL militairen uit Libanon.
Echter, sinds 2017 levert Nederland een genderadviseur aan UNIFIL, dit in lijn met VN-resolutie 1325 (Vrouwen, Vrede en Veiligheid).
Dit is één vrouwelijke officier die in principe elk jaar rouleert.
Nu 47 jaar later is de VN-vredesmacht UNIFIL nog steeds aanwezig op de grens van Libanon en Israël.
De VN-Veiligheidsraad heeft op 28 augustus 2025 na druk van de VS, unaniem besloten dat de multinationale vredesmissie wordt beëindigd op 31 december 2026.
Na bijna vijftig jaar komt er een einde aan de VN-vredesmacht UNIFIL in Libanon. De 10.800 Unifil'ers die er nu nog zijn, worden in 2027 geleidelijk aan teruggetrokken.
Israël moet zijn troepen terugtrekken volgens de gemaakte afspraken, maar is in de praktijk (stand febr. 2026) tot nu toe aanwezig gebleven op strategische punten in Zuid-Libanon.

Het is in november 2018 als Bert Kleine Schaars een eerste reis met Nederlandse Unifil veteranen organiseert. Dat lukt met de medewerking van onder andere toenmalige minister van Defensie, minister Bijleveld en vliegmaatschappij Transavia die dan net met rechtstreekse vluchten Amsterdam / Beiroet is begonnen.
De tweede reis met meerdere veteranen en hun echtgenotes of kinderen is in maart 2020. Het is weer een geweldige reis door een land dat grote armoede kent en helaas ook weinig eigen mogelijkheden heeft. Pas recent zijn er voor de kust gas en olievelden gevonden. Eigenlijk is het land volledig afhankelijk van de invoer van levensmiddelen.
Door de mondiale crises staat het land er slecht voor als in maart ook daar de Corona toeslaat. De medische voorzieningen komen er nog meer onder druk te staan.
Vanuit deze groep ontstaat al snel de gedachte hoe er toch hulp kan worden verleend en wat zou je dan het beste kunnen organiseren. Als de groep in Nederland in de Lock down nog bezig is met die gedachte, gebeurt er iets wat alles in dat land en in Beiroet zal veranderen.
Voorafgaand aan de explosie
Een late novemberdag in 2013. Een vrachtschip de MV Rhosus, vermoedelijk door Rusland gecharterd, meert aan in de haven van Beiroet, de hoofdstad van Libanon. Niemand weet precies wat het schip komt doen, want het was eigenlijk op weg van Georgië naar Mozambique in Afrika. Vanwege motorproblemen en een gebrek aan geld voor de tolkosten van het Suezkanaal, maakte het schip een ongeplande tussenstop in Beiroet, waar het werd aangemeerd en later door de Libanese autoriteiten aan de ketting werd gelegd.
MV Rhosus in de haven van Beiroet 08 oktober 2017
De gevaarlijke vracht ongeveer 2.750 ton ammoniumnitraat werd in 2014 op rechtsbevel aan wal gebracht en in een gebouw hangar 12 naast de graansilo’s bij de haven geplaatst. De industriële zakken met de uiterst explosieve stof blijft daar 6 jaar onaangeroerd liggen.
Een tikkende tijdbom, die uiteindelijk zou leiden tot de grootste niet-nucleaire explosie sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog.
Op 4 augustus 2020, breekt er nabij Hangar 12 een brand uit in de haven van Beiroet. Er ligt nog steeds in Hangar 12, zo'n 2.750 ton ammoniumnitraat opgeslagen, een uiterst explosieve stof.
Een eerste explosie vond plaats omstreeks 18.00 uur lokale tijd. Deze kleinere explosie veroorzaakte een grijze rookwolk. De tweede explosie was veel groter en vond plaats rond 18.08 uur. De geologische dienst van de Verenigde Staten rapporteerde de tweede explosie als een aardbeving met een kracht van 3,3 op de momentmagnitudeschaal. Het TNT-equivalent werd door experts geschat op 1,1 kiloton. Volgens de universiteit van Sheffield was de tweede explosie even zwaar als een tiende van de atoombom op Hiroshima.
Gevolg een groot deel van de stad herleidt tot puin.
De trieste balans: minstens 220 doden, ruim 6.500 gewonden en 300.000 mensen verloren hun huis! En een belangrijk deel van de infrastructuur werd verwoest.






